Als je op reis gaat, komt je uit je dagelijkse routine. Je wordt losgetrokken van de sleur en doet allemaal nieuwe indrukken op.

Andere omgevingen, mensen, sferen, noem maar op. Maar waarom zou dat allemaal goed voor je zijn? Nou lees maar.

Je leert het dagelijks leven waarderen
Je huis, warme douche en een supermarkt met tientallen soorten tandpasta. Je staat er bijna nooit bij stil hoe fijn het is om deze dingen te hebben – omdat ze er gewoon zijn. Maar als je reist en ziet dat andere mensen dit soort dingen niet hebben, leer je ze meer waarderen.

Door reizen wordt Je wordt flexibel. Ons leven is vaak zo georganiseerd, dat we meteen in de stress schieten bij de kleinste verandering. Door te reizen leer je flexibel te worden: je realiseert je dat het leven nou eenmaal gaat zoals het gaat.

Je ontwikkelt je pas écht als je jezelf voor nieuwe dingen open stelt en regelmatig uitdagingen aangaat. De beste manier om uit je comfort zone te stappen is om in het vliegtuig te springen en naar een heel ver land af te reizen, waar je je onderdompelt in een compleet andere cultuur.

Op reis ontmoet je nieuwe mensen. Je knoopt nu eenmaal makkelijk een gesprek aan met degene die naast je in het vliegtuig zit of in de rij van de cocktailbar aan het strand staat. Nieuwe vrienden maken blijkt dus heel simpel te zijn!

Als je ontspannen bent, nieuwe mensen hebt ontmoet en nieuwe plekken hebt gezien, haal je hier vanzelf weer inspiratie uit voor thuis. Je bruist van de creatieve ideeën!

Op vakantie neem je letterlijk en figuurlijk afstand van de dagelijkse beslommeringen. En zie je dingen vanuit een heel ander perspectief. Je realiseert je ineens dat je je niet druk hoeft te maken om de kleine dingen in het leven. Je wordt relaxter en dus ook gelukkiger! Kijk dat is waarom reizen goed voor ons is.